Blog

Het Amsterdamse Debat Hoogbouw Deel III: de Sluisbuurt afgetikt 13 Juli 2018

De vijf hoogste torens uit het Sluisbuurtplan mogen 125 meter worden: dezelfde hoogte als de Rembrandttoren, het hoogste gebouw in Amsterdam op dit moment. Dat is vijftien meter lager dan de oorspronkelijke 140 meter uit het plan. Door de verlaging wordt de zichtlijn vanuit het Unesco gebied niet meer geblokkeerd.  

Omdat het vijf hoge torens bij elkaar zijn, betekent de Sluisbuurt uiteindelijk een verandering van het hoogbouwbeleid: het gaat niet meer om een hoogbouwaccent, maar om een hoogbouwensemble, aan de beeldbepalende IJ oevers. De grond wordt nu bouwrijp gemaakt; de bouw begint eind 2019.

De torens staan op een sokkel van middelhoogbouw. Hierdoor is vanaf de straat de hoogbouw minder opdringerig en is er geen windhinder (volgens de gemeentelijke ontwerpers). Een ondergronds afval transportsysteem (OAT) voorkomt de plaatsing van  137 ondergrondse vuilcontainers; vervuilende vuilniswagens hoeven de wijk niet meer in.

Zeven architectenbureaus werden verdeeld over 14 deelgebieden van de Sluisbuurt. Ze kregen de opdracht studie te doen naar een nieuwe Amsterdamse typologie van blokken en torens. Het resultaat is deze maquette: compacte en gevarieerde blokken, met soms grondgebonden woningen, met terugliggende dunne torens. Bewoners worden uitnodigd tot het toeeigenen van de buitenruimte: door gebruik van de onbebouwde buitenste strook, van daken en van verdiepingen in de torens. 

Een koppeling van ‘hoogbouw’ met middel hoogbouw werd in Amsterdam al toegepast op de Westerdokskade en in het Pontsteigergebouw. De grote voorbeelden hiervan kwamen uit Vancouver, Toronto en Chicago; steden aan het water waar Amsterdamse gemeentelijke delegaties op werkbezoek gingen. De rol van hoogbouw in Amsterdam lijkt mee te vallen vergeleken bij wat zich afspeelt in Londen. Het private grondbezit daar heeft gezorgd voor een onsamenhangend hoogbouwlandschap van honderden torens.

USA educational architects on amsterdam tour 28 Mei 2018

USA educational architects on amsterdam tour april 2018
Architectuur Tours Amsterdam had the privilige to organise a school tour on 22 and 23 april for 24 educational US-architects. The 4 day trip to Europe was initiated by NanaWall, producer of opening glass walls.

Me was asked to organize tours in the Amsterdam library, OBA, and in several sharp designed Amsterdam schools, when possible with presentations.

After their check in at Lloyd Hotel, I accompanied the group to the OBA. Here Thomas Offermans, director of the Jo Coenen office, did a presentation and a tour about the actual changes on the building: the entrances to the cafe, the exhibition space and theatre.


Thomas Offermans and the US architects at the roof terrace of the OBA.

After the library we did the conservatory which is next door and a good and educational building.
Than we went for a 1,5 hrs ‘Manhattan at the IJ experience’: a boat ride about the latest architecture at the IJ-banks mixed with the historic of the Western islands and a bit of the ring of canals. We finished the day with a small walk through the old centre in direction to our dinner place.

Monday morning at 8 AM our busdriver brought us to the Montessorischool Steigereiland. Four little scholars guided us through the primary school. Next stop was IJburgcollege, where architect Eric Schotte did a presentation and a tour. The Americans were very much interested in the realisation of the diverse functions in one school building: the school, appartments and public gym above the school and parking beneath. Also the ‘learning squares’, communal learning spaces, had their special interest.


Eric Schotte explaining about the principle of the ‘learning squares’.

At the Nicolaas Lyceum in Amsterdam south architecte Richelle the Jong showed us her very tranparent, charmly curved school buiding. The great openess impressed, because it’s impossible in the US with all the school shootings. The Nicolaas even has a meditation room!


Richelle de Jong explaining.

Multifunctional steps in the aula: a very often followed invention from Herzberger?

The meditation room.

With two speed tours, in the 4th Gymnasium and in Bredeschool Houthaven, we finished the Amsterdam part of the trip. The bus departed to Arnhem for the last school, the Herzberger Omnibus school. It has Solarlux elements in it. Solarlux is a partner producer of NanaWall. At 6.30 PM the end destination of the day, Osnabruck, was reached. On schedule!

Het Amsterdamse Debat Hoogbouw, 2. 7 September 2017

div(half).

Het plan van de dienst Grond en Ontwikkeling.

div(half).

Het plan van Soeters.

De discussie gaat vooralsnog vooral over twee plaatjes: die met de hoge torens van de gemeente en die met de lagere blokken van Soeters. Daaronder liggen belangrijke stedenbouwkundige vragen: hoe is het gebied gekoppeld aan de infrastructuur en hoe aan het openbaar vervoer? Voor welke voorzieningen is in de Sluisbuurt draagkracht en wat is een passende woningtypologie voor een moderne stadswijk?

Eerst de cultuurhistorie. De gemeentelijke diensten Economie en Ruimte (voorheen Dienst Ruimtelijke Ordening) en Monumenten en Archeologie hebben negatief geadviseerd over het gemeentelijke plan van de dienst Grond en Ontwikkeling. Een zogenaamde Hoogbouw Effect Rapportage (HER) laat zien dat zichtlijnen vanuit het UNESCO gebied worden geblokkeerd. Kunsthistorica Petra Brouwer liet weten het effect van de torens op Waterland te vrezen. Publicist Bas Kok waarschuwde voor ‘de verzwelging van de Oranjesluizen, Schellingwoude en Durgerdam.’ ‘Een eeuwenoude waarneming van tijd en ruimte in het Amsterdamse en Waterlandse landschap gaat kapot’, sprak iemand vanaf de tribune.

Dit proces is echter al veel langer aan de gang.


Zichtlijn vanaf de Prinsengracht-Leidsegracht naar de Rembrandttoren.

Huidige (juni 2017) bouwontwikkeling in de Amstelscheg, het Amstelkwartier.

Brouwer stelde dat door de bouw van de Rembrandttoren in de Amstelscheg een precedent is geschapen voor het bebouwen van de groene scheggen van het plan van Van Eesteren uit 1934. Dit nog actuele vingermodel met groene scheggen tussen lobben bebouwing staat door de huidige bouwdrift onder druk. Vanuit het centrum bereikt men op de fiets in twintig minuten een groene scheg. De landelijkheid op de kop van de Amstelscheg is echter inmiddels aangetast door de Rembrandttoren en omgeving en door de huidige bouw van het Amstelkwartier.

De Rembrandttoren staat in een zichtlijn van de grachtengordel naar de Amstelscheg. De grachtengordel had toen nog geen UNESCO-status, daarom kon de toren gebouwd worden. De Sluisbuurt ligt op de kop van de Diemerscheg en volgens de HER ook in een zichtlijn van de grachtengordel naar de Diemerscheg. Het is daarom de vraag of de UNESCO akkoord gaat met het gemeentelijke plan.

Hoogbouw en 'architectengeilheid' 23 Maart 2017

De Arcam-debatavond Hoogbouw, the sky, the limit? op 19 januari 2017, ging over de hoogbouwplannen op het Zeeburgereiland. Deel II van de debatavond volgt op 28 maart.

Sprekers, panelleden en zaal zijn het eens dat hoge dichtheid en diversiteit voorwaarden zijn voor een stedelijk milieu. De dichtheid is in Amsterdam altijd laag geweest door het vele aanwezige water. Hoge dichtheid kun je bereiken op verschillende manieren.

De gemeentelijke ontwerpster zegt dat ze is uitgegaan van diversiteit en van de openbare ruimte. De bebouwing heeft verschillende hoogten en bevat sociale en studentenwoningen. ‘De ontwerpers het gebaar maken: hier aan het IJ gebeurd het’. Het plan verlicht de druk op de binnenstad en vergroot het de ‘agglomoratieve kracht’ van Amsterdam.

Tweedeling

Sjoerd Soeters illustreert zijn term ‘architectengeilheid’ met een naakte dame achter het raam hoog in een wolkenkrabber, zichzelf bekijkend.

Architect Sjoerd Soeters zegt dat voordeuren op het maaiveld een voorwaarde zijn voor levendigheid. En die ontbreken bij hoogbouw. Waarom willen wij 140 meter hoog? Hebben wij een gebrek aan identiteit? Hij noemt de literatuur over vereenzaming in hoogbouw en waarschuwt voor segregatie: rijken in zonnige torens boven het plebs in de schaduw. Hij toont een ongeuitvoerd hoogbouwproject van Le Corbusier, noemt de fascistische sympathieën van deze beroemste architect aller tijden. De houding ‘kijk mij eens hoog verheven zijn boven de anderen’ noemt hij ‘architectengeilheid’ en hij illustreert dat met een treffend plaatje. Soeters heeft een alternatief plan gemaakt van 7 a 8 bouwlagen.

Architect Rudy Uitenhaak rekent de zaal voor dat het stedenbouwkundig rendement van hoge bouwvolumen laag is. Liftschachten, trappenhuizen zorgen voor hoge bouwkosten want er zijn maar weinig woningen per verdieping waarmee je die kosten kunt terug verdienen. Door de dure woningen die dit oplevert, zullen de middenwoningen ontbreken. Met volumen van ongeveer 7,5 bouwlaag heb je dit probleem niet terwijl je dezelfde dichtheid bereikt. Rationeel goed onderbouwde plannen zijn nodig gezien de zeer hoge woningprijzen in Amsterdam en de tekorten in bepaalde segmenten, aldus Uytenhaak.

Mensen vinden het mooi

Volgens architect Jeroen Van Schooten ligt de oorzaak van het financiële probleem bij de hoge grondprijs binnen de ring. Omdat mensen het mooi vinden, het uitzicht prachtig is, moet ook hoog gebouwd worden. De enige voorwaarde is dat de windhinder serieus onderzocht wordt, aldus Van Schooten. De gemeente is eigenaar van deze grond en kan daardoor de woonprijs bepalen. In de Watergraafsmeer gebeurt het al: studenten wonen voor 410 euro per maand in een toren van 70 meter.

In het volgende blog over dit onderwerp de aspecten: cultuurhistorie, infrastructuur en voorzieningen, en deel II van het debat.

Ruimtelijke kwaliteit volgens Pi de Bruijn 3 Oktober 2016

Pi de Bruijn toont een tevreden bewoner voor zijn zelfbouwhuis in Roombeek, Enschede.

In zijn lezing op 22 september in de Academie van Bouwkunst behandelde Pi De Bruijn drie grote projecten waarbij hij nauw betrokken was /is: de Bijlmer, de wederopbouw van Roombeek in Enschede en de Zuidas. Meest boeiende was om te horen en te zien hoe deze architect en stedenbouwkundige een totale ommezwaai maakte: van werken vanuit een collectief-utopisch model – top-down gepland- naar een op individuele wensen en op de markt gerichte werkwijze.

In de Bijlmer was iedereen gelijk. Er was geen woningkeuze, iedere woning was hetzelfde. Zijn idee om een kopse kant met ramen te maken werd afgekeurd want week af van de regel. Gebouwen stonden op pootjes want de grond was van iedereen. ‘I believed in making a paradise’ aldus De Bruijn. Vele mensen wilden de Bijlmer niet. Toch bleef na de dood van het modernisme in 1975 de planning en programmering door ministeries gewoon doorgaan.

Van het wederopgebouwde Roombeek zou volgens de gemeente een helende werking moeten uitgaan. Verder kon De Bruijn ‘vrij’ van overheidsbemoeienis te werk gaan. In weerwil van sommige ambtenaren liet hij alles wat na de vuurwerkramp nog maar een beetje overeind stond restaureren.

Hij sprak met vele bewoners. De helft daarvan bouwt zijn huis zelf. Met supervisie in gradaties, soms niets, soms een beetje, afhankelijk van de plek. In de Museumlaan wees De Bruijn architecten van naam zelf aan. De arbeiderswijk Roombeek is nu een gemengde wijk met een cultuuras, een winkelas, scholen, ouderenvoorzieningen en parken.

Op de Zuidas verenigde De Bruijn twee aangrenzende Amsterdamse stadsdelen met elkaar: Plan Zuid van Berlage in het noorden met Buitenveldert van Van Eesteren in het zuiden. Deze twee fasen uit de stedenbouw vergelijkt De Bruijn zelfs met twee schilderijen uit de carrière van Mondriaan. Op de Zuidas is een raster zoals Buitenveldert opgevuld met gestapelde, onderling gevarieerde gesloten bouwblokken van Plan Zuid. Net als in Roombeek is bij die invulling veel vrijheid, hier van de big businesses.

Een wandeling Bijlmermeer Ganzenhoef boekt u bij Architectuur Tours Amsterdam

Nieuwsbrief

U kunt u opgeven voor de nieuwsbrief via het contactformulier. Vermeld bij onderwerp ‘nieuwsbrief’.

Nieuwsbrief